

Den Haag – 23-02-2026 – Een delegatie van de Aramese Beweging voor Mensenrechten (ABM) heeft op het Ministerie van Buitenlandse Zaken een constructief overleg gevoerd met de Speciaal Gezant voor Vrijheid van Religie en Levensovertuiging, Paul Bekkers. Centraal stond de zorgwekkende positie van Aramese christenen in Irak en Syrië en de noodzaak van structurele diplomatieke aandacht binnen het Nederlandse buitenlandbeleid.
De ABM-delegatie bestond uit mevr. Marina Haddu, mevr. Jaimi Keirouz, dhr. Engin Demir en dhr. A. Beth Aho, voorzitter van ABM. Tijdens het gesprek werd uitvoerig stilgestaan bij de veiligheidssituatie van Aramese christenen, de rechtspositie van minderheden en de politieke onzichtbaarheid van deze inheemse gemeenschap in internationale beleidsdocumenten.
Veiligheid kardinaal Sako op hoog niveau besproken
Een belangrijk onderdeel van het overleg betrof de eerdere zorgen rondom kardinaal Louis Sako. Volgens de informatie die met ABM is gedeeld, is de kwestie op hoog niveau besproken en is er op dit moment geen reden tot acute zorg over zijn veiligheid.
ABM spreekt waardering uit voor de diplomatieke inzet die hierop is gevolgd.
Bekende gezichten en historische verbondenheid
Tijdens de kennismakingsronde bleek dat de Aramese gemeenschap voor Paul Bekkers geen onbekende is. In zijn eerdere functie als diplomaat in Turkije bezocht hij verschillende kerken en kloosters, waaronder het historische Mor Gabriel-klooster. Ook had hij contact met bisschop Samuel Aktaş van Tur Abdin. Deze persoonlijke bekendheid met de religieuze en culturele aanwezigheid van Arameeërs in de regio gaf het gesprek een open en inhoudelijke basis.
Structurele aandacht voor Irak en Syrië
Tijdens het overleg heeft ABM gewezen op de structurele problemen waarmee Aramese christenen in Irak en Syrië worden geconfronteerd: demografische krimp, landonteigening, gebrekkige rechtsbescherming, politieke ondervertegenwoordiging en druk op cultureel en religieus erfgoed. Ook werd verwezen naar recente rapportages, waaronder van Open Doors, waarin christelijke minderheden tot de meest kwetsbare bevolkingsgroepen in de regio worden gerekend.
ABM benadrukte dat Arameeërs als inheemse bevolkingsgroep van Irak en Syrië geen geopolitieke beschermingsmacht hebben en daardoor extra afhankelijk zijn van internationale diplomatieke inzet, onder meer op het gebied van vrijheid van religie, minderhedenrechten en gelijke behandeling.
Afspraak tot periodiek overleg
Aan het einde van het gesprek is afgesproken om het contact te intensiveren en periodiek overleg te voeren over de mensenrechtensituatie van Arameeërs in Irak, Syrië en Turkije. Beide partijen spraken de intentie uit elkaar – gevraagd en ongevraagd – te blijven informeren over relevante ontwikkelingen.
Als formele afronding overhandigde ABM-voorzitter A. Beth Aho een uitgebreide petitie aan de Speciaal Gezant, waarin concrete beleidsvoorstellen zijn opgenomen gericht op erkenning, rechtsbescherming, monitoring van landrechten en structurele consultatie van Aramese vertegenwoordigers binnen het Nederlandse minderhedenbeleid.
ABM kijkt terug op een open en constructief gesprek en zal zich blijven inzetten voor duurzame erkenning en bescherming van de Aramese christenen in hun historische leefgebieden in Irak en Syrië.
